Gezondheid

Tientallen tellen achter na spaakbreuk door ‘beweging’

Natuurlijk had Tom Dumoulin bovenop de Mûr-de-Bretagne een „klotegevoel”. Terwijl de Ier Dan Martin bovenop de twee kilometer lange klim de zesde etappe won, was beneden in de diepte de kopman van Sunweb nog aan het vechten om zijn verlies zo beperkt mogelijk te houden. De achterstand bedroeg uiteindelijk 53 tellen op de winnaar. Daar kwamen even later nog twintig strafseconden bij omdat hij achter de ploegleidersauto had gestayerd. En dat allemaal door die plotse spaakbreuk in zijn voorwiel, op 5,7 kilometer voor de eindstreep. „Ik voelde me goed vandaag maar het werd vooral schade beperken”, vertelde hij op Nu.nl.

Blakend van topvorm gleed Dumoulin tot nu toe door de eerste Tourweek. De nummer twee van de afgelopen Giro zag concurrenten als Chris Froome, Richie Porte en Nairo Quintana tijd verliezen door valpartijen. Hij blonk uit in de ploegentijdrit, waarin hij won op veel van de andere klassementsrenners. Volkomen in balans bewoog hij zich voor en na de etappes door circus-Tour. En ook donderdag zat hij tot diep in de lastige finale keurig voorin het peloton. Tot de pech toesloeg. Dumoulin zakte naar de negentiende plaats in het klassement, op 1.23 minuut van geletruidrager Greg Van Avermaet en achter de meeste concurrenten. Al is van grote tijdsverschillen na één week Tour nog geen sprake.

Naast Sagan

„Ik zat op een goede plaats in het peloton, naast Peter Sagan”, vertelde de Girowinnaar van 2017 na afloop. Normaal gesproken is het een prima plek in hectische finales, naast de brede schouders van de drievoudig wereldkampioen. Maar op de smalle weggetjes in Bretagne, waar licht en donker elkaar onder de bomen snel afwisselden, ging het toch fout. „Er was een beweging in het peloton die ik niet kon ontwijken en ik reed in het achterwiel van Romain Bardet”, legde Dumoulin uit. Ook zijn Franse concurrent moest even later van de fiets, en verloor uiteindelijk 31 tellen op winnaar Martin.

Dumoulin, die een dag eerder al zijn sterke ploeggenoot Michael Matthews ziek naar huis zag gaan, wisselde snel van wiel met zijn Duitse ploeggenoot Simon Geschke. „Ik wist niet hoe ver de ploegleidersauto achter ons zat.” Die kwam even later voorbij en Dumoulin kroop erachter, voor het oog van de tv-camera. Te lang, oordeelde de jury. Vervolgens lieten ploeggenoten zich afzakken om hem te helpen. „Toen ben ik zo snel mogelijk naar de finish gereden. Maar ja, dan weet je dat je behoorlijk wat tijd verliest.”