Buitenland

Mogelijk klachtenstroom na uitspraak over milieuzone

Blij zijn ze, de leden van de Stichting Rotterdamse Klassiekers, ‘superblij’ zelfs, maar niet verrast. „Anderhalf jaar geleden hebben we al voorspeld dat de rechter dit ging zeggen. Gewoon op grond van gegevens van de gemeente zelf”, zegt Sander Jongerius van de stichting.

Woensdag haalde de rechtbank Rotterdam een streep door het besluit van gemeente om benzineauto’s van voor 1992 te weren uit de milieuzone in de stad. Veertien belanghebbenden die beroep hadden ingesteld tegen de maatregel, werden in het gelijk gesteld. Onder hen stichtingslid Frank Hensen, die in een woonboot aan de Kanaalweg woont, vierhonderd meter binnen de zone. In de voortuin staat een zwarte Citroen CX en een knaloranje Eend. Langs de weg nog een zwarte Eend.

Hensen mocht in zijn auto’s blijven rijden. „Ik kwam in aanmerking voor een langdurige ontheffing wegens bedrijfseconomische omstandigheden. Heeft me wel 178 euro en 20 cent gekost.” Jongerius kreeg geen ontheffing omdat hij niet aan de voorwaarden voldeed. Hij moest zijn oude Volkswagenbusje stallen in de buurt van zijn woning in de binnenstad. „Ik gebruik hem af en toe voor een uitstapje of vakantie. Dan betaal je wel een dagontheffing van 25 euro. Als je een weekendje weggaat, ben je dus twee keer 25 euro kwijt.”

Effect niet te onderbouwen

Ze hadden het dus zien aankomen, het oordeel van de rechter dat de gemeente niet heeft kunnen onderbouwen wat het effect is van het weren van deze groep auto’s, die maar 0,14 procent van het totale verkeer uitmaakt. Dat de maatregel daardoor waarschijnlijk een ‘te verwaarlozen’ milieu-opbrengst heeft. En dat de gemeente ‘onvoldoende oog’ heeft gehad voor een kleine groep autobezitters.

„Het gaat om ongeveer 285 auto’s”, zegt stichtingslid Niels van Ham, „meer zijn het er niet. Wij zijn allemaal hobbyisten, hebben jarenlang onze auto’s met liefde opgeknapt en onderhouden. Zo’n auto vertegenwoordigt een emotionele waarde.”

Zo’n auto vertegenwoordigt een emotionele waarde

„Het is een te zwaar besluit geweest van de wethouder”, vult Jongerius aan. „Ik ken mensen die hun auto met verlies hebben moeten verkopen, of laten slopen, omdat ze niet de middelen hadden om hem te stallen.”

De vraag is nu of eigenaren de schade kunnen verhalen. Want slopen of verkopen was achteraf niet nodig geweest, stallings- en ontheffingskosten zijn voor niets gemaakt, parkeervergunningen zijn onterecht ingetrokken en ook eventuele boetes voor overtredingen – ‘duizenden’ volgens de stichting – zijn voor niets betaald. De stichting gaat er bij de gemeente voor pleiten om voor de gedupeerden een meldpunt in te richten.

De Rotterdamse Klassiekers hopen dat de gemeente zich neerlegt bij de uitspraak van de rechter. „Het beste is als de gemeente teruggaat naar de oude milieuzone voor alleen het vrachtvervoer”, zegt Hensen. Want, benadrukt Jongerius: „Wij zijn niet tegen milieumaatregelen, en wij zijn vóór verbetering van de luchtkwaliteit. Maar het moet wel effect hebben. Dat hebben we ook keer op keer tegen wethouder Langenberg gezegd: het enige wat écht helpt is dat het minder aantrekkelijk wordt om met auto naar de stad te gaan. En wat heeft hij gedaan? De parkeergarages in de stad goedkoper, en P+R aan de rand juist betaald maken. Al is dat laatste dan deze week weer teruggedraaid.”

In een reactie op de rechterlijke uitspraak heeft het Rotterdamse college van B&W besloten om voorlopig geen boetes meer uit te delen voor benzine-auto’s van voor 1992 die de milieuzone binnenrijden.

Het college beraadt zich nog over ‘eventuele verdere stappen’, waarmee het een hoger beroep niet uitsluit.

Het stadsbestuur wijst er op dat voor andere categorieën voertuigen de milieuzone gewoon van kracht blijft. Personen- en bestelauto’s met een dieselmotor van voor 1 januari 2001 blijven uit de milieuzone geweerd.

Volgens het college resteert ook na de uitspraak een ‘robuuste milieuzone’.