Economie

Kabinet wil CO2-uitstoot halveren

„We lopen niet vooruit op Europa”, verzekerde minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) dinsdagmiddag. „We beginnen eerder. En dat is een groot verschil. Want wie eerder aan de wedstrijd begint, heeft een grotere kans om de wedstrijd te winnen.”

Dinsdag nam Wiebes het resultaat in ontvangst van drie maanden onderhandelen aan de vijf thematische ‘klimaattafels’. Bedrijfsleven, belangengroepen en de overheid moesten plannen op een rij zetten voor een klimaatakkoord dat aan het eind van het jaar klaar is. Het hoofddoel: een halvering van de CO2-uitstoot om het VN-klimaatakkoord van Parijs te halen, dat de wereldwijde opwarming binnen de perken moet houden.

Ambitie

Nederland hoefde zich de afgelopen tien jaar geen zorgen te maken dat ze op de Europese troepen vooruitliep. Nederland zat veilig in de achterhoede, als het ging om verduurzaming. Maar sinds het aantreden van het kabinet Rutte-III ligt er een ambitie op tafel (minimaal 49 procent CO2-reductie) die vooralsnog verder gaat dan wat de Europese Unie vraagt.

De plannen die de afgelopen drie maanden onder leiding van oud-milieuminister Ed Nijpels (VVD) op papier werden gezet, worden deze zomer doorgerekend op hun (financiële) merites. In het najaar besluit de politiek hoe het verder gaat.


Lees ook over de voorstellen die de vijf ‘klimaattafels’ hebben gepresenteerd: Deze voorstellen moeten de CO2-uitstoot halveren

Dan, maar ook nu al, is de afstemming met buurlanden een heikel thema. Met name de industrie, die verantwoordelijk is voor een kwart van de Nederlandse CO2-uitstoot, vreest voor haar internationale concurrentiepositie. Nijpels waarschuwde dinsdag voor vertraging. „Natuurlijk dom als je geen rekening houdt met de internationale situatie, maar we moeten ons niet laten gijzelen door het level playing field.”

De industrie heeft van de vijf onderhandelingstafels de een-na-grootste opgave, maar na drie maanden onderhandelen is nog onduidelijk op welke manier de uitstoot zal worden beperkt. De ondergrondse opslag van CO2 die in het regeerakkoord is genoemd, blijft een splijtzwam.

Ook de mobiliteitssector heeft nog geen harde keuzes gemaakt, en is niet verder gekomen dan een inventarisatie van de vele opties. Tafelvoorzitter Annemieke Nijhof zei dinsdag al wel dat rekeningrijden voor automobilisten „onontkoombaar” is, maar politiek lijkt deze beprijzing niet haalbaar.

Energiebelastingen

Opvallend concreet zijn de maatregelen voor de ‘gebouwde omgeving’ (stad en dorp). Onder leiding van tafelvoorzitter Diederik Samsom (PvdA) zijn de doelstellingen van het kabinet zelfs overtroffen. Ook is er al concreet gerekend aan het aanpassen van de energiebelastingen – waarbij de kosten voor de burger, gemiddeld gezien, niet zouden oplopen.


Lees ook wat Marjon Jansen, voorzitter van de ‘industrietafel’, van de kritiek op hun voorstel vond: ‘Met die deadline moeten we nuchter omgaan’

Door het toenemende belang van elektriciteit zal de stroomsector nog sterker moeten groeien dan voorzien. Het betekent meer windmolens op zee, en zonne- en windparken op land. Tot nu toe verloopt de plaatsing van molens op land moeizaam. Juist deze dinsdag maakte het ministerie van Wiebes bekend dat het er in 2020 te weinig zullen zijn.

Bij nieuwe wind- en zonneparken moeten omwonenden vaker meeprofiteren, staat in de nieuwe plannen. Nijpels wees er dinsdag op dat de overheid het klimaatakkoord niet op eigen houtje kan uitvoeren. „Niemand kan het alleen. De overheid niet, de burger niet, het bedrijfsleven niet.”

Het doel lijkt wel vast te liggen: de uitstoot van broeikasgassen moet al over twaalf jaar zijn gehalveerd.