Buitenland

Een senator naar willekeur afzetten

Ons democratisch gehalte wordt niet alleen bepaald door hoe we politici kiezen. Het wordt ook bepaald door hoe we politici verliezen. Daarom moet ik even een impopulair standpunt innemen. Het gaat over PvdA-senator André Postema, die als Limburgs onderwijsbestuurder onder vuur ligt.

Postema, hij blijft Kamerlid, maakte dinsdag bekend dat hij aftreedt als PvdA-fractievoorzitter in de Eerste Kamer. Volgens zijn verklaring besloot hij dit nadat zijn positie „ook in de fractie” ter discussie was gesteld.

Om die vier woorden gaat het hier: ‘ook in de fractie’.

Postema bestuurt tegen riante vergoeding een scholengemeenschap van 28 Limburgse opleidingen. De onderwijsinspectie constateerde dat het examen van 354 vmbo-leerlingen er wegens bestuurlijke nalatigheid ongeldig was. Postema had na dit debacle natuurlijk moeten zeggen: ik stap op. Maar hij betwist het oordeel van de onderwijsinspectie, en wil onderzoek afwachten.

Bewindslieden en Tweede Kamerleden van rechts tot links bepleitten vervolgens zijn aftreden – dat is nu eenmaal populair. Maar in dit geval evengoed onsmakelijk. Postema’s lot is in handen van de Raad van Toezicht van de Limburgse scholen. Die steunt zijn voorlopige aanblijven. De Kamer noch het ministerie heeft hier zeggenschap, dus dit was gratis verontwaardiging: plat populisme.

Het werd erger. Na een gelekt appje van Lilianne Ploumen aan PvdA-leider Asscher (‘Lo’) stuurde zelfs de PvdA in de Tweede Kamer aan op Postema’s vertrek als schoolbestuurder – al haalde ook dat niets uit.

Hierna werden alle fatsoengrenzen overschreden. Ineens kwam óók Postema’s voorzitterschap van de senaatfractie ter discussie te staan. Een deeltijdfunctie, waarbij de PvdA van haar senatoren eist dat zij geen belangen vermengen met hun hoofdfunctie. Maar nu draaide de senaatfractie het om: omdat Postema zijn hoofdfunctie behield, kon hij geen fractievoorzitter meer zijn.

Totale willekeur. Het land is overbevolkt met deelpolitici, en stel eens even dat we voor hen de normen hanteren die de PvdA op Postema toepast. Iemand is fractievoorzitter in de raad en leraar, hij maakt een fout als leraar: weg als fractievoorzitter. Iemand is tandarts en deeltijdwethouder annex locoburgemeester, hij vergist zich als tandarts: weg als loco.

Het mag zo zijn dat burgers vinden dat politici bestuurders te vaak beschermen. Maar als partijen hun normen daarom willekeurig aanpassen, alleen om het volksverlangen te bedienen, kennen zij hun laagste instincten meer waarde toe dan de democratische normen die zij behoren te behartigen.

Zeker in de Eerste Kamer zouden ze beter moeten weten.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft op deze plek een wisselcolumn.