Lifestyle

Doe eens een kus cadeau op Vaderdag

Veel vaders zijn heus wel bezig met het gevoelsleven van hun zoons, maar vooral vaders met volwassen zonen hebben daar moeite mee, zegt Marian Bakermans-Kranenburg, hoogleraar in opvoeding en ontwikkeling aan de Universiteit Leiden. Dat heeft volgens haar te maken met hoe die vaders zelf zijn opgegroeid: „In een tijd dat de rolpatronen nog wat vaster lagen.” De man zorgde voor brood op de plank, de vrouw deed het huishouden en zorgde voor de kinderen. „Die verdeling kunnen ze nog meedragen in het contact dat ze met hun zonen hebben.” De vader staat dan zowel fysiek als psychisch op afstand en legt in de omgang met zijn zoon de nadruk op zelfstandigheid.

Verschillende mannen beamen dat. „Met mijn moeder kan ik beter praten”, zegt de een. „Het contact met mijn vader is redelijk oppervlakkig en daardoor soms ongemakkelijk”, zegt de ander.

Sommige mannen vinden dat het gewoon niet hoort, gevoelens delen met je zoon. Ja, samen huilen bij winst van het Nederlands elftal is waardevol. Maar je kwetsbaar opstellen als het even wat minder gaat is niet de bedoeling, zegt Jens van Tricht. „Dochters mogen huilen, maar zoons moeten zich vermannen, hun gevoelens onderdrukken.” Van Tricht is oprichter van Emancipator, een stichting voor mannenemancipatie. „Mannen moeten nog altijd vooral sterk zijn en onafhankelijk, anders verliezen zij hun plek bovenop de apenrots”, zegt Van Tricht.

Verwachtingen van zonen

Vraag je vaders of ze vinden dat hun zoon zichzelf moet kunnen zijn, dan reageert het overgrote deel hoogstwaarschijnlijk met een volmondig ‘ja’.

Toch hebben vaders, vaak onbewust, specifieke verwachtingen van hun zoon. Dat is al te zien rond de peuterleeftijd, zegt professor Bakermans-Kranenburg. Zij was betrokken bij onderzoek onder ruim driehonderd gezinnen naar hoe ouders omgaan met de emoties van hun kinderen: „Daaruit bleek dat vaders, maar ook moeders, boosheid eerder associëren met jongens en verdriet eerder met meisjes. Als ouders dat doen, kunnen kinderen het gevoel krijgen dat bepaalde emoties meer passend voor hen zijn dan andere. Dat is niet goed.” Het kan een vader-zoonrelatie waarin de zoon zich kwetsbaar durft op te stellen, moeilijker maken.

Vaderdag, hoewel een commerciële feestdag, kan een mooie aanleiding zijn om aan de band tussen vader en zoon te werken. Hoe doe je dat? „Maak je vader in ieder geval geen verwijten, want dat haalt niets uit”, zegt Jeroen de Jong, vaderschapscoach. Bedenk liever iets leuks om samen te doen. „Maak bijvoorbeeld een uitstapje naar de buurt waar je vader is opgegroeid en ga daar open een gesprek aan. Vraag wat hij nog weet van zijn eigen vader en hoe het was om op te groeien.” Zo kun je elkaar volgens De Jong beter leren begrijpen. „Maar heb niet meteen hoge verwachtingen, het is een proces.” En: laat je moeder thuis, voegt De Jong er nog aan toe.

Je kunt op Vaderdag ook met iets kleins beginnen. Van Tricht: „Stuur je vader of zoon een berichtje, dat je aan hem denkt. „Of breng je vader een bos bloemen. Als hij dan zegt: ‘Geef maar aan je moeder’, zeg je: ‘Nee, dit is voor jou, jij bent mijn vader.’”

We vroegen twee vaders en zonen naar hun relatie.

‘Ik mis betrokkenheid’

Vader Jelle (59): „Vanwege het hoge privégehalte en het goede geheugen van Google spreek ik liever anoniem, zonder mijn achternaam.”

Zoon Feike-Jan (21): „Ik vind dit gesprek wel spannend, maar ook goed. Ik zie je niet veel en we praten bijna nooit over gevoelens. We hebben niet zo’n diepgaande band.”

Jelle: „Of ik een trotse vader ben? Ik geniet van hoe ambitieus je bent, van hoe jij je ontwikkelt.”

Feike-Jan: „Dat vind ik leuk om te horen, ik hoor zoiets niet vaak. Ik mis dat weleens. Ik hoef niet zestig veren in mijn kont, maar soms een bemoedigende opmerking zou fijn zijn. Een stukje betrokkenheid. Niet dat ik jou dat nu verwijt…”

Jelle, klinkt emotioneel: „Nee, dat maakt niet uit…”

Feike-Jan: „Maar ik denk er wel over na.”

Jelle: „Dat begrijp ik. En je hebt absoluut een punt. Ik blink niet uit in complimenten geven. Dat zit gewoon niet in mij, dat heb ik van huis uit niet meegekregen. Dat is die conservatieve, calvinistische opvoeding. Werken stond altijd centraal, brood op de plank. Terugkijkend heb ik het niet allemaal goed gedaan.”

Feike-Jan: „Ik weet dat je het beste met me voorhebt. Dat voel ik wel, maar het komt er bij jou niet uit of niet zo handig. Toen ik jonger was, zei je soms dat ik iets gedaan had wat waardeloos was. Als ik een kopje kapot had laten vallen, bijvoorbeeld. Dat zei je om mij verder te helpen, maar als kind is het moeilijk om zoiets te plaatsen.”

Jelle: „Ja, een man is gewoon anders dan een vrouw, met dit soort dingen. Ik denk dat vrouwen inlevender zijn. Voor mijn gevoel heb ik gedaan wat ik kon. Maar als jij er nu schade door ondervindt, dan betreur ik dat natuurlijk.”

Feike-Jan: „Ik heb de laatste jaren pas geleerd over mijn gevoelens te praten. Ik wist helemaal niet wat ik voelde of kon daar geen woorden aan geven. Ik heb ook gemerkt dat er mannen zijn die wél over gevoel kunnen praten. Dus heel eerlijk: ik denk dat je het ook anders had kunnen doen.”

Jelle: „Ja, ik had zelf ook opgevoed moeten worden, een juiste constatering. Weet je, lieve skat, ik hoop dat onze relatie verbetert. Als jij de behoefte hebt, dan praten we erover door.”

De volledige namen zijn bij de redactie bekend.
‘Mijn vader is mijn beste vriend’

Harry Haken (55): „Mijn zoon is nu al leidinggevende bij een supermarkt. Dat maakt mij heel trots. Ik laat hem dat regelmatig weten, maar zeg het ook tegen anderen in mijn omgeving.”

Enrico Haken (23): „Dan zegt hij: ‘Je hem het goud veur nander’, Gronings voor ‘Je hebt het goed voor mekaar.’ Dat is natuurlijk fijn om te horen.”

Harry: “Wij hebben een hele goede band. Fantastisch vind ik dat. We gaan samen naar bijna alle wedstrijden van PSV. Daarvoor reizen we vaak honderden kilometers, want we wonen in Heiligerlee, in Groningen.”

Enrico: „Toen ik acht was, ging ik voor het eerst mee. Ik kreeg een PSV-shirtje en was meteen verkocht. De laatste jaren gaan we ook samen naar wedstrijden in het buitenland, zoals naar Chelsea, Liverpool en Atlético Madrid. Binnenkort gaan we naar een concert van Phil Collins in Keulen – ik denk dat we het dan allebei niet droog houden. Ook zijn we beiden fan van Formule 1, MotoGP, darten en tennis.”

Harry: „Tien jaar geleden kreeg ik een hartaanval. Daardoor zijn we nog closer geworden.”

Enrico: „Dat maakte veel indruk. Hij is voor de dood weggehaald. Je moet genieten van het leven en daar zijn we ons alleen maar bewuster van geworden.”

Harry: „Soms knuffelen wij elkaar. En als het erop aankomt, geven we elkaar ook rustig een keer een zoen.”

„Enrico: „Niet op de mond, hoor…”

Harry: „We houden gewoon van elkaar, als vader en zoon. Ik vind het niet moeilijk om mijn gevoelens te uiten.”

Enrico: „Als we minder gezamenlijke interesses hadden gehad, zou de band nog steeds goed zijn. We hebben bijna elke dag contact. Ook als ik met iets zit, kan ik bij hem terecht. Ik heb, nu ik ouder word, niet de behoefte aan meer afstand. Hij is mijn beste vriend. We noemen elkaar sjompje, Gronings voor sukkeltje.”

Harry: „Kennissen en buren vinden het bijzonder hoe wij met elkaar omgaan. Dat zie ik ook wel, wij begrijpen elkaar volledig.”

Enrico: „Ik kan niet zo snel iets noemen waarin ik anders ben.”

Harry: „Veel mensen vinden hun trouwdag de mooiste dag van hun leven. Dat begrijp ik niet. De dag dat je een gezond kind krijgt, dát is het mooiste wat er is, dat is onbeschrijfelijk.”